Zondag 3 aug.
Na een vlotte vlucht van acht en een half uur kwam mijn Olympische hoop in
bange dagen Ron me ophalen van het vliegveld. Met de taxi zijn we gelijk maar
naar het Olympische dorp gereden. Je ziet dan gelijk hoe enorm groot deze stad
is. Al mijn verwachtingen zijn gelijk overtroffen. Chinezen houden van groot en
ruim bouwen. Na een rit van ongeveer zo’n half uur met de taxi ben je nog geen
tientje kwijt.
Het Olympische dorp is enorm! Per dag lopen hier 30 duizend mensen rond en
wegen zo ver het oog reikt. En heel veel blauwe shirtjes van vrijwilligers die
met alles willen helpen. Maar ze kunnen je niet helpen want ze weten niets.
Vraag je aar de metro is staan er vijf man om je heen te wijzen naar alle
windrichtingen maar eigenlijk weet niemand het maar niet één van hen zal dat
toegeven. Erg lastig en na al één dag wordt het al vervelend.
Dat er te veel zijn houdt ook in dat e een uur in de rij staat voor je
eten. Je kan kiezen uit MacDonalds of Chinees.
De kleding is ook een ramp. Geen van ons team heeft passende kleding. Er
komt een groepje mensen binnen in ons kantoor met tassen en dozen en daar
zitten de uniformen dan in. Een jackje 3XXL zit nog te krap en voor Chinese
begrippen is dit enorm groot. Zelfs de sokken houden bij maat 39 op. Er zijn ook geen uniformen meer in het
magazijn en dus zullen er nieuwe uniformen gemaakt moeten worden. De
kledingboer zegt dat het er de volgende dag zal zijn.
Mijn hotel is er ééntje van het zeer éénvoudige soort. Een kleine kamer van
Nadat ik met Ron, Beatrice en Claudia die ook in het team zitten wat hebben
gegeten ben ik maar m’n mandje of liever gezegd op mijn plank gaan liggen. Ik
ben gesloopt .
Ik ben Dick Jansen



Reageren